Ontbijtkoekjes

Ik vind havermoutpap vies. Juk. Slimy, prutterige substantie met, als je pech hebt, opeens een havermout versie die aanvoelt alsof je pap met stukjes naar binnen werkt. Ik heb die derrie een periode gegeten, maar nee, echt niet mijn ding. Ook had ik een extreme honger daarna (Patat! Chips! Pizza!), terwijl het juist zo’n perfect ontbijt zou moeten zijn (wie heeft dat bedacht?!?).

En toen was er ineens een briljant plan. Nou ja, gedeeltelijk briljant. Nog steeds een havermout ontbijt (dus voor mij niet iets waarvan ik uren vol zit) maar dan WEL lekker!

Komt ‘ie

Pak om 20:00 uur dit:
2 appels, geschild en klokhuis eruit
100 gram havermout
100 gram boekweitvlokken
2 theelepels koekkruiden of kaneel
60 gram rozijnen
50 gram roomboter op kamertemperatuur

Doe om 20:05 uur deze dingen:
Rasp de appels. Gooi alle ingrediënten bij elkaar in een kom en kneed. Maak er gelijke balletjes van en druk ze plat tot ongeveer 1 cm dikte op de, met bakpapier beklede, bakplaat. In een romantische bui? Maak er hartjes vormpjes van.

Schuif de bakplaat met koekjes in de oven, en laat ze lekker met rust (iets met fytinezuur enzo). Ga slapen.

Volgende ochtend:
Zet de oven op 180 graden. Doe 25 minuten ochtenddingen. Check dan of ze licht goudbruin zijn geworden.

Je ontbijt is klaar en je huis ruikt lekker!

Advertenties

Lolly traktatie

Het idee om een niet-te-ingewikkelde-snel-klaar-te-maken-en-lekker-EN-gezond traktatie te maken was natuurlijk briljant. Tot we de planning gingen doornemen de avond van te voren. Ik dacht aan een uur traktatiemaaktijd, papa van de schatbewaarder dacht een half uur (de eeuwige optimist). Dus, wekker om 6 uur, en aan de slag.

Oeps, ik was deze keer ook een optimist. Ons productieproces was ook niet helemaal optimaal. We hebben veel geleerd van dit smakelijke proces, en daar mogen jullie van profiteren.

De reacties waren lovend, alles was op gesmuld, van alle kanten schouderklopjes en bewonderende blikken, uiteraard, dus het was het waard. Echt, probeer maar eens! Eeuwige roem gegarandeerd op het schoolplein.

Wij maakten 31 stuks en daarvoor hadden wij nodig:
3 bananen
3 repen pure (75%) chocola
1 reep witte chocola
Pakje ijsstokjes, gekocht bij bol.com

De hoeveelheid chocola kan je nog minderen door een handig hoog en smal bakje te hebben waar je de lolly’s indoopt.

Verder nog nodig:
Waslijn
Knijpers
Koude omgeving
Au bain de marie benodigdheden
Geduld

En nu aan de slag:
Smelt de chocola au bain de marie. Donkere chocola in het ene bakje (genoeg om ze alle 31 koppie onder de kunnen doen), witte chocola in de andere. Leermoment: hogere, smallere bakjes gebruiken.

Snijd de bananen in dikke stukken (ja, eerst de schil er vanaf), het stokje een stuk erin steken. Leermoment: later bedachten we dat we ze wel de vriezer in hadden kunnen doen zodat de chocola snel stolt.

20161028_073540

Pak een bananenstokje, doe ‘m koppie onder in de donkere chocola, er meteen weer uit, en uit laten lekken boven het bakje. Zodra de ergste druipers gestopt zijn, kan je ze, jawel, aan de waslijn hangen (of verzin een andere creatieve oplossing). Leermoment: verwarming niet aanzetten, dus deuren maar open gezet. Brrr… Anders blijf je daar staan met je lekkende lolly’s.

20161028_073514

Als ze allemaal hangen, is de eerste vast droog geworden. Nu kan je ze versieren met de witte chocola. Ik gebruikte een sateprikker, papa een ijsstokje. Wees creatief. Je kan natuurlijk ook los gaan met suiker versiersels, rozijnen, kokos stukjes, nootjes, noem maar op. Die zou ik er dan wel op plakken als de donkere chocola nog nat is, en dan pas aan de waslijn hangen.

20161028_080622

Als je NOG meer geduld hebt, kan je de kids ook aan de slag laten gaan met witte chocolade. Succes.

20161028_081712

Tip: de chocolade die over is, op een bakplaat gieten, dan kan je er later weer stukjes chocola van maken.

Chocopastaaaa!

chocopasta

Dat willen kinderen wel op brood, hmm oké toch maar brood! Maar, die suikers. Die vervloekte verslavende suikers. Ik geloof zelf dat niet alle zoetigheden hetzelfde doen in ons lichaam, dat bananen en dadels iets beter zijn dan “gewone” suiker. Maar weinig zoet blijft een goed idee. Mijn dilemma: als ik ze niet genoeg zoets (en/of brood) mee geef naar school, bietsen ze van andere kids. Dus mijn gekozen middenweg is, tot nu toe, zelf chocopasta maken. Met verstopte goede ingrediënten!

Ingrediënten:

2 rijpe avocado’s
40 gram rauwe cacao
80 gram honing
12 dadels
schepje kokosolie

Als je dat allemaal in de keukenmachine gooit (dadels eerst even, die zijn lastig klein te krijgen), ontstaat er een heerlijke chocosmurrie. Schep de bruine massa in een glazen pot en smeren maar! En wel lekker dik natuurlijk hè 🙂

Ik gebruik de chocopasta voor op brood/roggebrood/cracker, als groente dip, fruit dip, chocololly (schep op een lepel en oplikken), als topping op een brownie van zwarte bonen of bieten & courgette of op de heerlijke prinsessen cupcakes in plaats van de cashew topping.

Voor zo ver ik weet blijft deze chocopasta een paar dagen goed in de koelkast. Hier is de pot vaak sneller leeg 🙂

Prinsessen recept

Prinsessendochter was jarig. Ze houdt van ROZE. En bloemetjes! Glitters, stipjes, strikjes, jurkjes, oorbellen, racen, kroontjes, diertjes, modder, speldjes, poppen, vlechtjes, paraplu’s, stoeien, koken, knuffelen, op haar troon (stoel) staan en wedstrijdjes doen. Zie daar, een echte prinsessendochter. Met vleugje stoere chick.

Het thema was dus al snel duidelijk. Maar wat maak je dan, als je iets gezonds voor wilt zetten aan zo’n peutermeute, maar wel met roze kleur? Zie hier een recept voor een gezonde variatie van een prinsessen cupcake! Inclusief blunders leermomenten.

cupcake

Lep op! Begin op tijd. Cashewnoten weken duurt een nacht, gedroogde abrikozen weken duurt 30 minuten. Wachten tot de cupcakes afgekoeld zijn voordat je de topping erop doet, is ook aan te raden, 

Ingrediënten voor 12 stuks

Vulling:
1 appel, geschild en in kleine stukjes
60 gram gedroogde abrikozen in stukjes
2 theelepels kaneel
3 stukken chocola (vivani 85% of 92%) in stukjes

Beslag:
100 gram ontpitte dadels
2 rijpe bananen
100 gram havermout
25 gram kastanjemeel
25 gram kokosmeel
1 ei
1 theelepel zuiveringszout

Topping:
200 gram geweekte en ongebrande cashewnoten
50 gram frambozen (uit de vriezer)
Honing naar smaak
Citroensap naar smaak

Verder nog nodig:
12 cupcake vormpjes
Spuitzak
Keukenmachine
Eetbare bloemen, ga samen met je prinsesje op zoek in je eigen tuin


Bereidingswijze:

Verwarm de oven voor op 180 graden.

De cashewnoten en gedroogde abrikozen zijn dus (op tijd, yay!) geweekt.

Meng de geweekte gedroogde abrikozen met de stukjes appel en kaneel.

De dadels goed klein krijgen is best een uitdaging. Soms zijn ze erg plakkerig, soms hard. Bij mij werkt het goed om ze kort in de keukenmachine te doen en daarna de bananen erbij te doen. Weer even mengen, dan de havermout, kastanjemeel en kokosmeel erbij doen en goed mengen. Het is nu een egale massa. Ei en zuiveringszout erbij, nog even goed mengen, dan de appelvulling er doorheen roeren met een pannenlikker. Zet de keukenmachine niet meer aan, de stukjes appel en chocola zorgen voor een aangenaam mondgevoel (heus, ik vind dit woord ook hier van toepassing).

Verdeel het beslag over de 12 cupcake vormpjes. Maak ze zo plat mogelijk (deze cupcakes gaan niet vanzelf mooi plat worden, dat deden die ongezonde varianten altijd wel). Nu kunnen ze de voorverwarmde oven in, 20-25 minuten.

Alle ingrediënten van de topping kunnen de keukenmachine in. Goed fijn maken. Echt goed fijn, anders raakt je spuitzak verstopt. Echt. En floept het hele tuitje eruit en heb je een toppinghoopje.

Nu is de topping roze geworden! Klein detail: hoe langer je wacht, hoe paarser het wordt. Vandaar de kleur op de foto. Bummer.

Prop de topping in en spuitzak. Alle cupcakes van een topping voorzien, bloemetje erop en laat die prinsesjes al dat roze maar lekker in hun smuigeltje stoppen!

cupcakes

De bloemen op de foto’s zijn viooltjes en Oost Indische kers.
Het recept is gluten arm, suiker vrij en lactose vrij.
De prachtige foto’s zijn gemaakt door Diana.
Dit recept is gebaseerd op de havermout appelcake van Puur Suzanne.

Lekker vet recept

Een beetje van de buurvrouw en een beetje van mij. Een feestelijke vetten cocktail.

Hopelijk weten we nu allemaal dat vet WEL goed is (nouja, de goede vetten dan) en dat het best een goed plan is om die dan ook tot je te nemen. Vooral in kabeljauwlever zitten de goeie. De groene vrouw schreef er al wat blogs over en deelde wat recepten, maar ik vind die flieber dingen toch wat te squizy om zo te verwerken dus ik meng ze met tonijn.

Nog wat vis tips:

  • Check het plaatje dat erop staat. Zo’n blauw visje met “gecertificeerd duurzame visserij MSC” schijnt nog wel ok te zijn.
  • In tonijn kan wat gif zitten, omdat ze andere visjes eten, die weer troep uit de zee hebben gegeten. Tonijn uit blik zijn jonge visjes, dus minder gif opgehoopt in hun lijfje. Yay. Dus stop ook met chemische middelen gebruiken en dingen kopen die “made in china” zijn (want schepen en afval lozen enzo).
  • Je hebt ook tonijn in water. Net zo prima, en je gooit alleen water weg in plaats van olie. Vaak zwemt die tonijn ook nog in zonnebloemolie, wat weer het soort vet is dat je niet in je smuicheltje wilt stoppen (damn you omega 6 overvloed!).
  • De kabeljauwlever zit in zijn eigen olie. Die olie vang ik op en op één of andere manier vinden de kinderen dat lekker. Die klokken dat zo weg (ULGH!). Je kan ook een deel van de olie in je prutje doen, wordt ‘ie ook lekker smooth van. En VET.

Zie hier het recept!

 

Je hebt nodig:

1 blikje tonijn, uit laten lekken
1 blikje kabeljauwleverunits, in stukjes snijden
1 appel (beetje zure vind ik het lekkerst erin), in stukjes
Stuk of 5 augurken (zuur dan hè, niet zoetzuur) in stukjes
1 gekookt ei in stukjes
Beetje mayo of yoghurt, voor het lekkere prut idee
½ avocado, geprakt (verstopt voor de kids) of in stukjes
Wat zout en peper
Eventueel een paar stukjes rode ui of bosui

Gooi alles bij elkaar, mengen, klaar.

Er is een mayonaise die geen extra troep bevat. Behalve dan die (oh ze gezonde<– voedingscentrumquote) zonnebloemolie. Er bestaat wel een olijfonaise, maar kijk voor de grap eens op de achterkant hoeveel olijfolie daar nou daadwerkelijk in zit. Net zo’n grapje als de truffelpasta van de aldi (0,0006% truffel!). Maar die mayo dus. Ton’s mayonaise. Heeft ook mosterd. Met mosterdzaden en verder bijna niks! Woehoe!

Ja, ik weet, tonijn en kabeljauwlever zit in blik. Slechte stoffen enzo. Check. Maar hé, als je nou vooral al het plastic weg doet en dat daarna nooit meer koopt..? En geen troep meer op je lijf smeert..? Deal?!?

Bon aapetiet!

Gezonder-dan-groente-thee

Superdeduper gezonde thee. Gezonder dan groente zelfs. Dat wil ik! Dat maak ik nu. Voor het eerst. En jullie mogen meegenieten. Ik kocht voor het eerst bij de groothandel groots in. Net echt voelt dat. Geadresseerd aan ‘Natuurlijk Sophie’ en alles! 250 gram rode klaver, 250 gram brandnetel en 250 gram lindebloesem. Wat een onwerkelijk verschil qua verpakkingsgrootte! WOEHAAA!

20160108_193728

Zie dat maar eens op te bergen in een klein huis als dit. En Jan natuurlijk meteen uitrekenen hoeveel liter ik ermee kon maken. Oeps, 200 ofzo. Nou ja.

Ik kwam op het idee via een facebook post van Kruidig Leven. Als ik me inschreef voor de nieuwsbrief mocht ik een youtube filmpje kijken over iets dat veeeeel gezonder zou zijn dan smoothies. Ergens was ik me er ook al bewust van. Ik had afgelopen jaar her en der al zevenblad geplukt en een paardenbloem op m’n sla gedeponeerd (mooi!). Maar ja, jeetje, het is nogal wat, om datgene wat je jarenlang hebt bestreden in je tuin, opeens in je mond te stoppen. En dat drogen dan. Droogoven? Groot, duur ding. Gewoon laten liggen ergens? Hmm niet heel handig met kids en een klein huis. Nouja, volgend jaar dan maar. En toen kwam die video op het juiste moment op mijn pad (de video bestaat niet meer trouwens). Heb ik wel vaker; krijg ik iets 100 keer voorgeschoteld en pas bij honderd-en-een denk ik: hé, dat lijkt me wat! En dan ook nog verbaasd zijn dat er ik ‘dan pas achter kom’.

Ik ben hier niet om alle waardes en voedingsstoffen met jullie te delen. Iets met: meer van dit en dat dan in boerenkool. Dat doen al genoeg mensen. Jullie mogen lekker met me mee genieten van mijn uitprobeersels. Anntje van Kruidig Leven heeft er zelfs een hoofdstuk over geschreven in haar nieuwe boek. Heb ik niet. Wie weet binnenkort wel.

De rode klaver thee staat klaar. En nu maar een hele nacht wachten.

20160108_193629

Volgende dag!

 

De thee is klaar.

20160109_091350

Het heeft zelfs thee kleur en alles. Het ruikt een beetje naar… Tja, omschrijf dat eens. Het eerste wat bij me opkomt is tabak, maar dat klinkt wel weer erg negatief. Oke proeven dan maar. Best prima. Smaakt een beetje als, nou, koude thee. Hou ik eigenlijk niet heel erg van. Dus ik heb nog een uitdaging te pakken. Misschien dat een beetje citroen erbij wonderen doet. Of wat honing? En de tijd is er ook niet helemaal naar, brr koude stroom door mijn keel. Of misschien nog een keer opwarmen? Of gaan dan de goede stofjes eruit? Misschien is het toch tijd om het boek te kopen!

Ik voel me super mega gezond als ik het drink. Jan en de kinderen drinken het ook wel. Het is makkelijk te maken. Ik denk dat ik het regelmatig zal gaan drinken, afgewisseld met kefir.

Zo meteen ga ik er weer een maken, maar dan met alle drie de smaken. Voor een vriendinnetje. Ik ben benieuwd..!

20160109_200916

Santé! (hihi)

Opgeruimd staat netjes

Op mijn zolderkamer in het ouderlijk huis lagen mijn spullen altijd minimaal drie lagen dik verspreid over de ruimte die ik mijn kamer mocht noemen. Een gaatje vinden om je voet neer te zetten was al een hele uitdaging. En toch, ik wist precies waar alles lag. “Sophie, mag ik je plakband lenen?” “Maar natuurlijk!” Hink stap sprong naar de andere kant van de kamer, stapel papier opzij, restje eten optillen en voila, daar was de plakband. Ging prima (met hier en daar uiteraard wat frustratie als iets was verplaatst door iemand anders (lees: mijn moeder die een poging deed tot opruimen))! Beetje jammer natuurlijk dat ik huisstofmijt allergie had, en daardoor mijn moeder (oh verschrikking) de kamer niet goed kon stofzuigen. Maar hé, ik vond het prima!

Verhuizen naar een studentenkamer. Ongeveer even groot als mijn oude slaapkamer, dus het paste allemaal perfect. Net zo’n rotzooi, net zo makkelijk te vinden. Volgende huis, meer rotzooi, meer ruimte. Volgende huis, NOG meer rotzooi en nog meer ruimte (yay, zolder). Dat was toch echt het toppunt van veel spullen. Twee verhuiswagens vol.

In het volgende huis kwam het idee om klein te gaan wonen. En kwam een lief vriendinnetje met een boek “Opgeruimd!” van Marie Kondo. We hebben het boek in één ruk uitgelezen en zijn het meteen toe gaan passen. Voor wie Marie niet kent, ze is een Japanse opruim guru. Het idee is om in de door haar beproefde volgorde alles in je huis bij langs te gaan en te voelen of er een “spark of joy” is. Word ik er blij van? Dan houd ik het. Geen spark? Weg! Ze zegt ook dat als je dat op die manier doet, het altijd precies in je huis past. Zo werkt dat gewoon!

Wij gingen vol goede moed aan de slag. Eerst alle kleding. Maar dan ook echt ALLES! Alle tassen, schoenen, jasjes, winterkleding… En dan heb je een enorme hoop. Toen schrok ik toch wel van de hoeveelheid. En ik koop niet eens veel (dank je, zusje!). Dan gaat er toch een knop om bij mij. Wat een zooi en wat draag ik veel niet. En wat denk ik vaak : ”ja maar misschien dat” of “wie weet dat ik ooit..” Nee dus. Geen spark, weg! Ik ben drie keer heen en weer gefietst met de fiets en fietskar helemaal vol naar de kleding container. En dan ging er ook nog een deel naar Fabiola (als je nog een stylist zoekt). En wat voelde dat heerlijk. We hadden de smaak te pakken! Next! Boeken. Next! Papierwinkel. In twee maanden hadden we bijna al onze spullen uitgezocht en naar de weggeefwinkel gebracht. Wat een genot, wat een vrijheid, wat een ruimte. Waar ik het eerst ontzettend moeilijk vond om spullen weg te doen (ik bewaarde werkelijk alles!), vond ik het nu heerlijk. De verhuizing was echt een appeltje, eitje, abrikoosje. Paar keer met aanhangwagen heen en weer en klaar. Wauw. En Marie had gelijk, het paste in ons huis! Het was wel wat puzzelen, maar dat bleek ik ook nog leuk te vinden.

Spullen rechtop zetten, niet stapelen (denk aan die zielige geplette boeken onderop!), altijd de gebruikte spullen terugzetten als je het hebt gebruikt, tassen meteen leeg als je thuis komt, bedankt huis dat je me droog en warm houdt, sokken niet in elkaar vouwen (ze moeten uitrusten na een dag te zijn uitgerekt!), kleding anders opvouwen… Er zijn nogal wat aanpassingen nodig. Maar ik vind ze fijn.

En toen kwam het moeilijkste, na de verhuizing, de stapels foto’s, brieven en knutselwerken van vroeger. Daar hebben we nog 6 maanden over gedaan. De dozen stonden bij mijn ouders, zodat we dat op ons gemak uit konden zoeken. Maar, jeetje, foto’s weg doen? Dat mag toch niet? Staat dat niet in de wet of zo? Je mag het niet eens hardop zeggen. Iedereen in shock om je heen. Nee, echt, probeer maar eens. Uiteindelijk heel veel foto’s en brieven weggedaan. De foto’s natuurlijk wel stiekem weggemoffeld onderin de container bij m’n ouders. Samen met de negatieven. Dat is nog eens loslaten met een hoofdletter L! Maar, echt, als je eens kritisch naar je foto’s kijkt. Hoeveel zijn daarvan echt leuk? Heb je daar wat mee? Ik vond dat eigenlijk toch best tegenvallen. En wedden dat bij bijna niemand de foto’s zijn ingeplakt? Nog zoiets, nu is het een overzichtelijk stapeltje, heb bijna zin om ze in te plakken (bijna!).

Zijn er ook nadelen? Jawel. Er waren momenten dat ik de keuze moeilijk vond. Voelde ik nou een spark of niet? Ja, maar wat als…?
Ik heb nu geen standaard vrouwentas meer. Pleister? Uh, nee, niet in mijn tas gedaan vanmorgen. Zakdoekje? Uh, nee, ook niet. Baksteen? Ook vergeten.. Dat vond ik toch wel zo vervelend dat ik een paar standaard spullen toch weer in mijn tas heb gedaan. Maar alle extra aangegroeide gaan er meteen uit zodra ik thuis ben.
Soms slibt nog wel eens een laatje dicht (foei). Of hou ik de administratie toch niet zo heel goed bij. Maar dan is het wel weer heel snel bijgewerkt.
Ook jammer dat ze het niet heeft over de digitale troep. Want die is ook enorm! Die heb ik nog niet aangepakt, dat is me ook nog even wat teveel. Maar ik hoorde dat ze een nieuw boek heeft, wie weet staan daar tips in om de digitale vuilnisbelt wat beter te beheren.

Dus, lieve popjes, ruim op! Voel sparks of joy!

Gevoel?!?

Ik zoek naar mijn gevoel. Gewat? GeVOEL? Voelen. Ja, als ik iets voel, is dat vaak pijn. Of jeuk. Al jaren. Dus laat ik dat lekker negeren.

Maar wat nou als je lichaam dat doet om je iets te vertellen? Daar kwam ik dus laatst achter. Briljante ingeving, niet? En wie weet, voel je ook wel eens iets fijns. Of iets subtiels. Er gaat vast iets subtiels vooraf aan signalen waar je niet meer omheen kan. Toch?

Dus nu ben ik zoekende. Naar mijn gevoel.

ge·voel (het; o)1 het vermogen te voelen

Dat dus. Wie kan dat nog? Wie begint de zin nog met “ik voel”? Mijn zinnen beginnen eigenlijk altijd met “ik denk”. En nu mag ik, samen met mijn coach, op zoek naar mijn gevoel. Weer leren voelen. Allerlei oefeningen doe ik om weer te voelen.

Momenten alleen zijn en dan gewoon gaan zitten. Jezelf in de spiegel aankijken, recht in de ogen. Op blote voeten het bos in. Je gedachten achterlaten bij de bomen of bladeren. Mediteren. Yoga. Laten weten aan mijn lichaam dat ik besef dat ie er is. (Uh.. Hoi buik…) En als ik pijn heb, begin dan maar te praten tegen de pijn. (Ja, en buik, als ik je nu toch spreek, ik voel de pijn. Ja, ik voel het echt. Ik besef dat je me iets duidelijk wilt maken. Maar wat? Wil je me vertellen wat? En uh, hoe vang ik dat dan op, die subtiele signalen van je? Nou? Oke, uhm, ik ga weer verder, dag buik!) Ja en daar zit je dan. Te wachten op een signaal, een gevoel? Of maar aan de slag gaan en het komt vanzelf? Oh wacht, nu denk ik weer! Uit jij, hoofd! UIT!

Wil ik het wel, dat voelen? Wat nou als ik opeens iets voel? Misschien breekt de hel dan wel los. Of gaat de zon dan ineens schijnen? Denk ik er teveel over na? Ja, vast, dat is wat ik zeker kan. Nadenken. Nu leren dat uit te zetten zo af en toe.

Het vermogen om te voelen dus. Ja, ik geloof dat iedereen het vermogen heeft. Ik geloof ook dat heel veel mensen hebben geleerd om dat vooral uit te zetten. Heb ik ook gedaan. Best goed in geworden.

Maar als ie weer aan staat, is dat dan zo’n halleluja moment? Of barst je dan in tranen uit? Begin je te dansen? Want ook als ik mijn lichaam wil voelen, denk ik aan mijn lichaam. Dat gaat via mijn hoofd. Misschien ook niet helemaal de bedoeling?

Ik vraag me wel af hoe dat voelt: voelen. Dat je op je gevoel beslissingen kan maken. Dat lijkt me heerlijk, zeg! Niet meer eindeloos al die lijstjes maken, mensen vragen naar hun mening (wat zou jij nou doen dan? Ja? Waarom?), eindeloos tobben, dubben, afwegen. Nee, hoppa, je gevoel. Schijnt ook nog eens de beste raadgever te zijn. Onderbouwen? Hoeft ook niet. Dan zeg je gewoon: dat zegt mijn gevoel. Appeltje eitje, toch?

Op gevoel de richting van mijn bedrijf bepalen. Dat is wat ik nu verdomde graag wil. Maar hoe meer ik op zoek ben naar mijn gevoel, hoe verwarrender het allemaal lijkt. Opeens besef ik bijvoorbeeld dat er geen eindpunt is. Dat als je eenmaal voelt, je niet opeens alle antwoorden hebt, dat je niet opeens gelukkig bent. Het blijft een constant proces. Dat vind ik wel eens beangstigend, want ik heb heel lang gedacht, dat het zo werkte dat als je dat en dat had, DAN was je gelukkig, DAN was het oke. Daar werkte je dan naartoe. En voila. Vaak denk ik wel dat het onhaalbare doelen zijn. Maar ja, wat als je dan je doel wel haalde? Is het dan klaar? Nee, ook niet. Jeetje, het blijft gewoon een constante aaneenschakeling van voelen, denken, leven! Hoe kwam ik dan ooit aan het idee? Wordt ons dat aangepraat? Of willen we het gewoon heel graag, zekerheid? Is dat daarom ook zo makkelijk aan te praten? Als je je diploma haalt, kan je werken. Als je goed werk hebt, kan je een groot huis kopen. En dan, met al die spullen en je gezin, DAN ben je gelukkig. En NOG gelukkiger als je die ene auto hebt. En nog nog gelukkiger als je twee keer op vakantie gaat. Altijd maar denken aan: als dat, dan is het beter/fijner. Maar dus niet in het “hier en nu” leven om maar even een hip zinnetje te gebruiken. Dat is toch wel waar ik nu naartoe wil. Het hier en nu. Met mijn gevoel. Maar wel hand in hand met mijn ratio. Gezellig.

Groentepakket overdenkingen

Ik weet het nog… Vroeger, toen mijn moeder pogingen deed om hippie te zijn, gingen we elke week naar een stoffig schuurtje waar we zelf de groenten bij elkaar konden zoeken. Mijn moeder heeft dat niet lang vol gehouden, aangezien ze drie kinderen had die geen groenten wilden eten.

Nu doe ik dat zelf. Ik geniet elke week van een groentepakket. Compleet met zand, slakken en boomprutjes. Resultaat: groene sprieten die aan alle kanten uit de koelkast steken, wekelijkse schoonmaakbeurt van de koelkast (in plaats van halfjaarlijks, moet ik eerlijk toegeven), nog langere bereidingstijd van de maaltijden (want: wassenwassenwassen) en eeuwig gezoek naar recepten om de 10e andijvie weg te werken.

Ik moet zeggen, de theorie is ge-wel-dig. Eten uit de buurt (komt geen vrachtwagen aan te pas!), zonder bestrijdingsmiddelen. Eten wat de natuur op dat moment de bieden heeft, in welke (rare) vorm dan ook.

Maar in de praktijk vind ik sommige aspecten wat moeizamer. Als je een tas vol hebt met; paksoi, andijvie, twee soorten sla, raapstelen en rucola dan weet je na 1 week al niet meer wat je met alle groene bladgroenten moet. Want man, wat heeft dat veel gekauw nodig om weg te krijgen!
Na twee weken bedachten we dat van bijna alles wel soep te maken is (tip; snijd het eerst heel klein, anders krijg je draden soep, juk!). Na vier weken begon ik, als de mail binnen kwam met “ de oogst van vrijdag”, al te denken; “ohneeee weer rucola!”. Maar, ook de rucola tijd gaat weer voorbij. Gelukkig. En daar komen bijvoorbeeld heerlijke peultjes voor in de plaats. Totdat ook die je neus weer uit komen.

Maar wat een bizarre luxe hebben we dan eigenlijk nu. Als je wilt, kan je alle soorten groente en fruit het hele jaar door kopen (al is de variatie niet heel groot).

Mijn wildpluk avontuur staat ook nog vers in mijn geheugen. De natuur heeft zo veel te bieden, ook al zien wij dat nu als onkruid. Als ik dat nou kan combineren met de groentepakketten en af en toe een patatje?

Dus blijf ik doorgaan met mijn groentepakket avontuur? Ja! Op naar de volgende kropsla met slakkenfamilie!